Vertrouwen

Ik heb mezelf opgelegd vandaag een tekst te schrijven over vertrouwen, voor de aankomende winterretraite. Maar wat vind ik het moeilijk. Ik word belaagd door allerlei stemmen: Het moet origineel zijn, het moet waar zijn en waarachtig, ik mag mijn leraren en inspirators niet napraten, ik moet het allemaal zelf verzinnen. Het mag niet zweverig zijn. Maar het moet wel poëtisch zijn. Niet betweterig. Maar ook niet onzeker. Het moet helder zijn en duidelijk en voor iedereen herkenbaar. Ik mag het woord God niet te vaak gebruiken. Ik mag mezelf niet verloochenen. Persoonlijk moet het zijn, maar geen navelstaarderij. Allesomvattend, maar niet te lang. En het moet vandaag af. Ik moet erop vertrouwen dat dat lukt.

Maar ik ben bang dat het níet lukt, dat het vandaag niet, en nooit meer lukt, dat ik het schrijven ben verleerd en dat ik niets, maar dan ook niets te melden heb. Dat ik het geven van die retraites überhaupt niet waard ben als ik zo overduidelijk niets te melden heb, dat ik het op zal moeten geven, dat het niet voor mij bestemd is, dat ik beter maar iets anders of beter nog helemaal niks, dat ik beter kan verdwijnen ….

Ik laat de stemmen een tijdje tegen me te keer gaan. Luister met belangstelling naar de wanhoop, de paniek, en voel het gewapper van het door mijzelf ondertekende brevet van onvermogen voor mijn neus. Dan ga ik de was vouwen. Er is niets. Er is niets in mij dat gezegd wil worden. Laat ik daar maar eens bij aanwezig zijn. Wat nu? Ik voel de angst en de paniek nog aan de rand van mijn gewaarzijn. Daarbinnen is leegte. De leegte is ruim en rustig, kalm, helder.

Dan herinner ik mij ineens de vraag die ik mijn hele leven al met me meedraag: “Wat is het in Godesnaam dat het leven van mij wil? Wat wil God dat ik doe?! Wat??! Zeg het me!” Ik voel dat het de enige vraag is die ik echt graag beantwoord heb willen zien en hoeveel ermee verbonden is. De vraag raast als een malle door de stille ruimte in mijn binnenste. De vraag vloekt en fluistert in mij. Ze eist en smeekt. Ze dwingt en manipuleert en onderhandelt en marchandeert. Ze krijst en gilt en huilt en wordt hysterisch. “Wat?! Zeg het me!”

Tot het op is. Uitgeraasd en dolgedraaid valt de vraag in de stilte uit elkaar in kleuren en warmte. En in de stille ruimte daagt iets anders, iets heel zachts en lichts maar onmiskenbaars. Het fluistert: “Dit… dit …”

De beelden beginnen zich in sneltreinvaart te ontvouwen. Hoe ik bijvoorbeeld al die tijd, toen mijn 3 kinderen nog klein waren, dacht dat er nog iets anders was dat ik moest; een carriere, iets voorstellen in de wereld, iets maatschappelijks met status, onafhankelijk, iets zijn in de ogen van God weet wie. En hoe ik, nu ze alle drie het huis uit zijn, besef: dit was het, dit was het werk, dit was wat van mij verwacht werd maar waarvan ik dacht dat het niet genoeg was. Terwijl het precies goed was, precies het allermooiste, allerbeste voor mij, op dat moment.

En ik die dacht dat ik het beter wist.

Hafiz zegt: “This place where you are right now, God circled on a map for you.” Eén van mijn leraren, Kyo Verberk, zegt het vaak: “Híer is de genade.” Langzaamaan dringt een begin van de waarheid en de werkelijkheid, en van de verlossing die die woorden in zich dragen, tot mij door. Precies dit, precies deze ervaring, in dit moment, precies dit gevoel, hoe naar en rampzalig, hoe beangstigend en wanhopig ook, precies dit is de poort naar de vrijheid. Niet elders, niet een andere ervaring, niet straks, niet later, niet anders. Niet omdat het persé zo mooi en leuk is waar we ons bevinden maar omdat we er, als we er werkelijk stilstaan, wachten en luisteren, de toegang vinden tot onszelf en daarmee tot het Goddelijke.

Daarop leren vertrouwen. Beetje bij beetje. Op het leven en dat wat het ons voorschotelt. Als dat vreugde en licht en veiligheid is, maar ook als dat eenzaamheid, verlies of machteloosheid is. Niet omdat we te laf zijn om zelf keuzes te maken, niet omdat we te slap zijn om zelf stappen te zetten. Maar omdat we de kracht, de moed en de standvastigheid hebben leren opbrengen aanwezig te blijven bij de ervaring in het moment. Het wérkelijk niet beter weten. Ons werkelijk overgeven. Ieder moment opnieuw: ‘Uw wil geschiede’.

Oktober 2018, Mariken van de Bovenkamp

The Place Where You Are Now

This place where you are right now
God circled on a map for you.
Wherever your eyes and arms and heart can move
Against the earth and the sky,
The Beloved has bowed there –
Our Beloved has bowed there knowing
You were coming.
I could tell you a priceless secret about
Your real worth, dear pilgrim,
But any unkindness to yourself,
Any confusion about others,
Will keep one
From accepting the grace, the love,
The sublime freedom
Divine knowledge always offers to you.
Never mind, Hafiz, about
The great requirements this path demands
Of the wayfarers,
For your soul is too full of wine tonight
To withhold the wondrous Truth from this world.
But because I am so clever and generous,
I have already clearly woven a resplendent lock
Of his tresses
As a remarkable truth and gift
In this poem for you.

Hafiz (ca. 1320 – ca. 1390)
vertaling: Daniel Ladinsky